logo TO wit

Cropfactor

Sensoren van camera’s zijn niet allemaal even groot. Dat heeft gevolgen voor het deel van de omgeving, de beeldhoek, die je in beeld krijgt. Als je een objectief van een camera met een grote sensor afhaalt en vervolgens datzelfde objectief op een camera met een kleinere sensor plaatst, dan is de feitelijke brandpuntsafstand van het objectief vanzelfsprekend onveranderd gebleven. Toch is de beeldhoek kleiner geworden als je door de zoeker van de camera met de kleinere sensor kijkt. Het lijkt alsof het onderwerp dichterbij is gekomen. Net alsof er een deelvergroting is gemaakt van het beeld dat je door de zoeker van de camera met een grote sensor zag. Dit wordt wel de ‘cropfactor‘ wordt genoemd.

Brandpuntsafstand en beeldhoek

Een 50mm objectief wordt beschouwd als een ‘standaard‘ brandpuntsafstand, omdat de beeldhoek ervan ongeveer overeenkomt met de beeldhoek van één menselijk oog. Maar dat geldt voor een 50mm objectief op een 24x35mm beeldsensor. Dat is het formaat van de kleinbeeldcamera van vroeger, waar je een (emulsie) film in gebruikte. Tegenwoordig wordt dit beeldformaat ook full-frame of volformaat genoemd.
De effectieve brandpuntsafstand cq. de beeldhoek is gerelateerd aan de grootte van de sensor. Heb je, net als de meeste fotografen, een camera met kleinere sensor, dan verandert de beeldhoek en daarmee de effectieve brandpuntsafstand. Een 50mm lens op een full frame camera laat een andere (grotere) beelduitsnede zien dan dezelfde 50mm op een cropcamera.

Cropfactor

Het verschil tussen de effectieve brandpuntsafstand op een full-framecamera en een camera met een kleinere sensor, wordt uitgedrukt in de cropfactor. De cropfactor voor de meeste spiegelreflex en systeem-camera’s ligt tussen 1,4 en 2. Wat betekent dit? Wil je een standaard beeldhoek, dan heb je bij een sensor met 1,5 cropfactor geen 50mm nodig, maar een 33mm brandpuntsafstand. Ofwel 50mm gedeeld door factor 1,5. Een 33mm levert dezelfde beeldhoek op een cropcamera als een 50mm op de full-frame.

cropfactor

Waarom is dit ontstaan?

Camerafabrikanten kunnen dankzij kleinere sensoren volstaan met kleinere - en eenvoudiger te construeren - objectieven. Dat verklaart waarom veel objectieven de laatste jaren veel voordeliger zijn geworden. Tokina heeft met heel veel succes enkele ultra-groothoekobjectieven speciaal voor de cropmarkt gemaakt. De AT-X 12-24 f/4.0 en de AT-X11-16 f/2.8 zijn inmiddels legendarische lenzen. Maar Tokina blijft ook full-frame objectieven maken. De AT-X 16-28 f/2.8 vormt een prachtige combinatie met een camera met een full frame sensor. De AT-X 16-28 f/2.8 op een camera met een full-frame sensor en de AT-X11-16 f/2.8 op een camera met een APS-C sensor bieden dezelfde groothoekwerking. De een op een full-frame en de ander op een cropcamera. Maar wat opvalt: allebei zijn het steengoeie ultra-groothoek zoomlenzen. Tokina is toonaangevend in dat zoombereik.

"Oude" lens?

Heb je nog een objectief van je ‘oude‘ emulsiecamera, dat je wil gaan gebruiken op je cropcamera, dan moet je de cropfactor daar ook op toepassen als je geen camera met een full-frame sensor hebt. Heb je bijvoorbeeld een 100mm macro-objectief, dan wordt dat qua beeldhoek bij een 1,5 cropcamera dus een 150mm objectief. Nog steeds macro, maar ook al een beetje tele.

Het lijkt misschien verwarrend om brandpuntsafstanden van objectieven op een camera met een kleine sensor om te rekenen naar brandpuntsafstanden op een camera met een full-frame sensor. Omdat fotografen zo gewend zijn geraakt aan de betekenis van de ‘klassieke‘ brandpuntsafstanden, blijven we er toch mee werken.

Ontmoet ons

  KT photocontest wide400 20170704 bann veluwse